fbpx De verschillende rollen bij intervisie | ubeon
 

De verschillende rollen bij intervisie

We onderscheiden 4 rollen bij een intervisie: probleemeigenaar (“case owner”) ,  deelnemer,  facilitator en verslaggever.

Case owner

  • De case owner staat voor een beslissing, een keuze die hij of zijn bedrijf moet maken. Hij denkt aan opties  A of B maar is nieuwsgierig hoe anderen dat zien.
  • Eerder dan een consultant erbij te halen wil hij graag vernemen hoe peers uit andere  werelden die context en vraag bekijken en aanpakken.
  • Beschrijft de context en legt zijn vraag voor. Hoe concreter de vraag, hoe groter de kans op een waardevol resultaat.
  • Is rechstreeks betrokken bij de vraagstelling.
  • Beantwoordt de vragen van de deelnemers.
  • Luistert met een open geest naar de verhalen en de aanbevelingen van de deelnemers.
  • Geeft een korte, eerste feedback bij het einde van de sessie.

Deelnemers

  • Komen uit zo divers mogelijke omgevingen. Een goede mix van achtergronden,  sectoren, functies, leeftijd en geslacht dragen bij tot een geslaagde intervisie.
  • Hebben al een en ander meegemaakt in hun beroepsleven.
  • Hebben beslissingsbevoegdheid binnen hun functie of organisatie. Zo wordt de sessie ook voor hen waardevol.
  • Zijn leergierig.
  • Delen graag kennis in alle vertrouwen.
  • Staan niet in een hiërarchische verhouding ten opzichte van elkaar.
  • Nemen geen blad voor de mond en willen onbaatzuchtig bijdragen tot het succes van de oefening.
  • Vormen idealiter een groep van 8 tot 10 personen. De ervaring leert ons dat minimum 6 en maximum 12 deelnemers best werken.  Je kan ook intervisies doen met meer personen maar dan pas je best je werkvorm aan, bijvoorbeeld  door met subgroepen te werken. Werk je met minder dan 6 personen dan krijg je meestal onvoldoende diversiteit in de verhalen. 

Facilitator

  • Overlegt enige tijd voor de sessie met de probleemeigenaar de case en een concretee vraagstelling.
  • Verwelkomt elk van de deelnemers hartelijk.
  • Zorgt voor een veilige en aangename sfeer waarin alles kan gezegd worden en waarin deelnemers in alle vertrouwen kennis kunnen delen.
  • Verduidelijkt bij het begin van de sessie de werkwijze en ieders rol.
  • Waakt over het proces en de discipline binnen elke fase.
  • Is timekeeper. Sommige fases kunnen langer duren dan voorzien maar begin en einde van de sessie liggen vast.
  • Zorgt voor regelmatige pauzes om lichaam en geest te stretchen.
  • Stimuleert waar nodig vraagstellingen en feedback.
  • Zorgt ervoor dat alle deelnemers aan bod komen, niet enkel de spraakwatervallen.

Verslaggever

  • Maakt een gedetailleeerd rapport van de opeenvolgende fases.
  • Is zelf geen actief deelnemer aan de dialoog.
  • Is een andere persoon dan de facilitator. Je kan niet tezelfdertijd goed faciliteren en een goed verslag schrijven.