fbpx ‘The time to repair the roof is when the sun is shining’ (John F. Kennedy) | ubeon
 

‘The time to repair the roof is when the sun is shining’ (John F. Kennedy)

‘The time to repair the roof is when the sun is shining’ (John F. Kennedy)
Ben je getuige van een conflict tussen collega’s, tussen een collega en een leidinggevende, tussen een werknemer en de organisatie? Of ben je er zelf in betrokken?

Heb je er al eens bij stil gestaan dat onder dit conflict een gevoel van verlies, van rouw, kan zitten? Je hebt misschien heel wat moeten achterlaten? Dromen, gewoontes, waarden, privileges, taken en rollen, collega’s, klanten, vertrouwde werkplekken,  aanzien, autonomie…?

Hierbij is de SCHIP-begeleiding, een postrelationeel rouwtraject, helpend. Het model is afkomstig uit Nederland en werd ontwikkeld door Leoniek van der Maarel en Tineke Rodenburg in het kader van het begeleiden van liefdesrelaties in slecht weer. Het had oorspronkelijk als bedoeling om het gezamenlijk ouderschap te kunnen blijven opnemen na scheiding. 

De aanpak blijkt echter voor allerlei relatieproblemen een reddingsboei te zijn. In relaties ontstaan er namelijk conflicten, ook in werkrelaties. Het verlies dat onder het conflict verborgen zit, komt meestal niet aan de oppervlakte. Via de SCHIP-begeleiding hebben we aandacht voor de rouw die verlies en conflict met zich meebrengt.

In dit artikel leg ik het hoe & waarom uit van deze methodiek. Als SCHIP-behandelaar ondersteun ik namelijk ook medewerkers in gezonde werkrelaties en in welzijn op het werk.

Laat ons eerst ingaan op de termen ‘verlies’ en ‘conflict’, en op de connectie tussen beide :

  • Bij verlies word je ermee geconfronteerd dat een geliefd onderdeel van je werkleven beëindigd wordt. De zaken waarin je geloofde, de relaties die je onderhield, de gewoontes die je opbouwde, je gevoel competent te zijn, je vrijheid… worden vernietigd. Je voelt de emotie in jezelf, je bent gericht op je verdriet.  Soms ‘verlamt’ het verdriet jou om te komen tot herstel.
  • Bij conflict ervaar je tegengestelde belangen, doelen, waarden… Je bent namelijk in de werkcontext afhankelijk van elkaar, het botst. 

Je reageert met boosheid, je focust op de ander. Je schrijft de oorzaak van je gevoel toe aan de ander. De boosheid zorgt voor een ‘vechtmodus’ bij jezelf. 

Conflict en verlies houden vaak verband met elkaar. 

In de praktijk, op de werkvloer, wordt de verlieservaring vaak diep weggestopt. Het doet namelijk meer pijn om naar het verlies te kijken, dan het conflict aan te gaan. 

In veel werkpraktijken zal men aan de slag gaan met het conflict. Men ontwikkelt teambegeleiding en houdt individuele coachinggesprekken om het conflict ‘op te lossen’. Men vindt het echter vaak te pijnlijk, misschien te confronterend, om met het verlies te werken. Men heeft het ‘te druk’ om diepgaand te sleutelen aan relaties en verwacht van elkeen ‘professioneel gedrag’, wat dit ook moge wezen. 

In de SCHIP-aanpak hebben we aandacht voor beide elementen! 

Als SCHIP-behandelaar ondersteun ik jou in het reconstrueren en in het begrijpen van de conflictescalatie. We werken in de diepte,  verhelderend en helpend. 

Hoe doe ik dat ?

SCHIP is een acroniem en staat voor volgende fases in de begeleiding:

  • Samenkomen: de collega's keren terug naar de aanvang van de professionele relatie en bekijken wat hen destijds heeft samengebracht en verbonden. Wat waren de wederzijdse verwachtingen en gezamenlijke dromen, waarvoor was er aandacht en waarin was er geloof? Wat liep er goed, en waardoor kwam dat?
  • Conflict- en verliesverheldering: de collega’s onderzoeken de conflicten en de verliezen die zich in de werkrelatie hebben voorgedaan en die nog steeds meespelen. Wanneer is de werkrelatie moeilijker beginnen verlopen? Waar ontstonden de eerste scheurtjes? Waardoor werden deze veroorzaakt? Waarin raakten zij ontgoocheld? Hoe gingen ze hiermee om? Welke interactiepatronen tekenden zich af? Wat is men kwijtgeraakt? Hiervoor maken we een HART-analyse : we analyseren het verdriet, de opgelopen schade met betrekking tot het verlies van
    • houvast (zekerheid, emotionele veiligheid en stabiliteit),
    • autonomie (jezelf kunnen en mogen vertrouwen in je eigen denken en doen),
    • rechtvaardigheidsgevoel (je fair behandeld voelen)
    • toekomstperspectief (zingeving / richting voelen).
  • Helpend horen: de resterende moeilijke onderwerpen komen op tafel, er komt plaats voor begrip en vergeving.
  • Integratie : er ontstaat ruimte voor herstel via een ‘ritueel’ of een ‘symbool’.  Op die manier borgt men zowel het verlies als het herstel.  
  • Partnerschap in het gezamenlijk project : de collega’s zoeken naar manieren om het vertrouwen te hervinden, en bedenken wat men zal ondernemen bij eventuele terugval.   

Voor elke fase wordt gewerkt met thuisopdrachten. Zo staat men voordien stil bij ‘boosheid’ en ‘verdriet’, persoonlijkheid en motivatie, hechtings- en interactiestijlen, opgelopen beschadigingen, rouwreacties, vergeving en herstel, toekomstperspectieven…

De SCHIP-behandeling houdt normaliter een begeleiding in van de 2 collega’s. Soms wordt het model ook ingezet als rouwbegeleiding bij één medewerker, wanneer er geen gezamenlijk gedragen project meer is, en de wegen volledig uit elkaar zijn gegaan. 

Het helpt in beide gevallen om vanuit een ander perspectief te kijken naar het verdriet en de boosheid, op te rapen wat er tijdens het traject is blijven liggen,  en met hernieuwde moed verder samen te werken.

Het is in ieder geval een reddingsboei voor eenieder die problemen ervaart in zijn werkrelatie, door de vernieuwende aanpak dat er namelijk niet enkel aandacht is voor het conflict, maar ook voor de rouw bij datgene wat verloren is gegaan. 

Het traject doet mensen hard werken, en het loont !